HR Blog
Weblog van baron Paul Buysse
De crisis die we vandaag beleven is geen gewone financiële of economische crisis, maar zal als accelerator fungeren van iets dat al lang onder de oppervlakte sluimerde, namelijk een volledige transformatie van het zakenleven op een globaal niveau. Bij mijn weten is het de eerste keer in de geschiedenis dat bedrijven, in een opstoot van groei, de kans krijgen om zichzelf opnieuw uit te vinden en zich te herpostioneren.
De globalisering, zo stelt men vandaag vast, is geen holle kreet, maar een evidente realiteit. Ook onze bedrijven zijn genoodzaakt op een andere manier tegen deze evolutie aan te kijken. Kijk naar Leo Leander Bekaert, een koster, die in 1880 een kleine ijzerwinkel uitbaatte. Vier generaties verder is die winkel een hoogtechnologisch bedrijf met 22.000 werknemers. Bekaert was een visionair, die zag dat hij snel van onder de kerktoren weg moest; in 1890 exporteerde hij al naar Engeland en Frankrijk en stuurde hij zijn zonen naar de internationale universiteiten. Maar er zijn ook andere bedrijven dan Bekaert die het pad hebben geëffend: InBev, Solvay, UCB, … we moeten fier zijn op deze bedrijven en ze koesteren. België is een te klein land om niet te exporteren. Met goede lokale partners en duidelijke afspraken kan enorm veel worden verwezenlijkt. Er is duidelijk interesse voor ons afzetgebied en onze technologie en wij staan open voor hun afzetgebied en de mogelijkheden die lokaal voor ons open liggen.
Het ontbreekt nog te veel Belgische bedrijven aan een strategisch plan. Duurzame, winstgevende groei – volgens mij het belangrijkste adagium in de bedrijfswereld – zit nog te weinig in de strategische planning van onze bedrijven vervat. In tijden waarin onze wereld op zes maanden tijd zo ingrijpend kan veranderen, hypothekeert dat de toekomst van onze ondernemingen. Binnen zo’n strategie zijn de
luiken innovatie en productevaluatie essentieel. Te veel bedrijven zien hun product nog als een vast gegeven.
We weten dat steenkool geen toekomst meer had, we hebben onze staalproductie gedecimeerd en de textielindustrie herleid tot een fractie van wat ze ooit was. Niemand stelt dat nog in vraag. We weten dat er gigantische schokken in de automobielsector zullen komen. Wat daarna? Stellen we ons vragen omtrent de mobiliteit in dit land? Men moet geen grote strategische visie hebben, maar men moet zich wel de vraag stellen. Een bedrijf bestaat uit mensen die een product maken en daar geld voor terugkrijgen. Na betaling van de lonen blijft er nog geld over dat moet gebruikt worden om in het bedrijf te herinvesteren. In deze tijdscontext komt alles opeens op losse schroeven te staan.
Banken zullen het nog jaren moeilijk hebben en zullen zichzelf opnieuw moeten uitvinden. De overheid zal de banken moeten aansporen om kredieten te geven, want anders dreigt het systeem te ontsporen. Als het systeem stokt is er geen welvaart en als er geen welvaart is, is er geen democratie. In die cirkel zitten we vandaag.
De volgende maanden verwacht ik helaas een golf van economische uitzuivering. We gaan nu door een bitter economisch proces, waarin we hopen dat de Europese Centrale Bank de nodige slagkracht zal tonen en er voor zal zorgen dat het financiële systeem
verder kan evolueren in een gunstige richting. Bedrijven die schuldoperaties hebben gedaan, zien zich verplicht een deel van hun onderneming te verkopen of opnieuw op zoek te gaan naar geld, tegen totaal gewijzigde leningsvoorwaarden. Geld is niet alleen
schaarser en veel duurder geworden; de banken moeten ook zichzelf zien te ontwikkelen. Belangrijk is dat bedrijven op een efficiënte manier hun voorraden, crediteuren en debiteuren opvolgen. Bedrijven die volledig op schulden gefinancierde overnames hebben gedaan, boeten nu voor hun zwakke financiële structuur en een gebrek aan lange termijn strategische visie. Vaak zien ze geen andere mogelijkheid dan tot schaalverkleining met de daaraan gekoppelde ontslagen over te gaan. De zuivering gaat dus nog een tijd door.
Laat ons van de geschiedenis leren. Antwerpen nam - in zijn gouden eeuw - de handel over van Brugge en ontpopte zich als een havenstad. Daarrond is dan Rubens gekomen met de Vlaamse School. Plantijn besliste om er de bakermat van de boekdrukkunst te vestigen. Wat is hier de les? Een rijkere gemeenschap wordt geboren uit slim handel drijven en het internationaal uitvoeren van mogelijkheden en opportuniteiten. Wie door de oude stadskernen van Brugge en Antwerpen wandelt zal het belang daarvan snel begrijpen. Vandaag zijn we in dezelfde situatie. Wij moeten nu aan de Chinezen zeggen dat we hun beste partner zijn. We moeten zeggen dat ze in Europa niets kunnen zonder ons, omdat wij de beste zijn.
We moeten dus terug naar de geschiedenis en onze troeven uitspelen. We hebben een sterke Indische gemeenschap. Laat ons mogelijkheden zoeken om samen te werken. Wat moet de overheid doen? Faciliteren en zekerheid geven. Dat heeft ze de afgelopen
maanden schitterend gedaan. Zekerheid geven aan de consument, anders kan de economie nooit opnieuw opstarten.
Zijn onze maatschappelijke structuren echt aangepast om deze nieuwe wereld in te gaan ? Een wereld waarin we worden overspoeld door Chinese invloed, producten, aandeelhouders, kapitaal, vul maar in… Idem voor Rusland, India, Brazilië misschien... Banken zullen anders zijn, producten zullen anders zijn. Laat ons daarop voorbereid zijn.
Bron: The Topmanagement Event 2009
30 Nov. 2009







